De velomobiel

De velomobiel is een snellere fiets want het is een gestroomlijnde fiets.

Waarin verschilt de velomobiel?
De gestroomlijnde fiets is een ligfiets met een kap die zorgt voor stroomlijn: nog minder luchtweerstand. Deze fietsen worden op dit ogenblik al door verschillnde fabrikanten gemaakt. Ook de ontwikkeling tot een volwassen vervoermiddel is nog in volle gang. Internationaal heet de gestroomlijnde fiets velomobiel. Op deze page noem ik het de stroomlijnfiets; naar zijn kenmerken.
Wat zijn nu de voordelen ervan? En vergeleken met de gewone fiets? Welke meer verkeerskundige benodigdheden heeft de stroomlijnfiets nodig? Toekomstperspectief? Over deze vragen gaat deze page.

De voordelen van de velomobiel.
gezond
Fietsen is gezond, en wanneer je fietst op een ligfiets (of een stroomlijnfiets) behoud je dat grote voordeel! Je komt met een (gestroomlijnde) fiets aan je dagelijkse lichaamsbeweging en houdt je daardoor fit. Je kunt namelijk tegelijkertijd een afstand overbruggen en sporten!
Op een ligfiets voorkom je bovendien zadelpijn en pijn in de armen. Ook kan de ligfiets meer geveerd worden, omdat het minder invloed heeft op de effectiviteit van de aandrijving. Ook worden er andere spieren aangesproken dan bij een gewone fiets. Na het wennen is dat een voordeel: door voor de ene reis de gewone en voor de andere reis de stroomlijnfiets te nemen, blijven nog meer spieren in conditie.

snelheid
Het grote voordeel van de gestroomlijnde fiets is natuurlijk wel de hogere snelheid. Daardoor is de afstand die af te leggen is veel groter. Een grotere actieradius, dus meer te bereiken.
Uit onderzoek blijkt dat voor elke activiteit een bepaalde reistijd aanvaardbaar is.  (Persoonlijke uitzonderingen daargelaten)  Als de reistijd nog langer is, zijn er maar weinig mensen die die activiteit nog gaan doen. De huidige afstanden tot bestemmingen maken de gestroomlijnde fietsen gewoon tot een uitmuntende oplossing.

hoeveelheid reisdoelen
Er zijn twee manieren om de reistijden omlaag te brengen: een hogere gemiddelde snelheid (wordt vaak verward met  de maximumsnelheid)  of meer bestemmingen bij elkaar. (= een hogere dichtheid aan bestemmingen). De grootste winst is te halen, als aan beide kanten wordt gewerkt. Een auto echter werkt een hogere dichtheid tegen: als de dichtheid groter wordt ontstaan files, opstoppingen, vervuilde lucht, drukte, lawaai en verkeersgevaar. Daardoor zal automatisch (als de overheden er geen gericht beleid tegenover zetten) de bestemmingen uitsmeren over grotere gebieden. Het land wordt grijs: het verschil tussen stad / dorp en platteland verdwijnt. Met een knipoog noem ik dit de 'vergrijzing'.
De voetganger, fiets en het huidige openbaar vervoer is het net andersom: veel bestemmingen dicht bij elkaar is ermee mogelijk, maar de snelheden zijn klein. Bij openbaar vervoer geldt dat voor de snelheden na de aankomst op het station. De gestroomlijnde fiets zit mooi tussen die beiden in: het verschil in snelheid met de auto is kleiner, maar de gestroomlijnde fiets houdt het mogelijk om veel bestemmingen bij elkaar te situeren. De fiets, voetganger en het o.v. zijn in dat laatste nog beter, maar hebben weer een lagere snelheid.

regen
In een gestroomlijnde fiets houdt de kap de regen tegen. (En eveneens het opspattende water) Wanneer er een gat in zit waar het hoofd uitsteekt, wordt dit hoofd natuurlijk wel nat. Maar een helm kan al veel water tegenhouden. (Zouden ze ook helmen hebben met een ruitenwisser?) Daardoor zijn gestroomlijnde fietsen minder weersafhankelijk dan andere fietsen.

wind
Door de stroomlijn heeft de wind minder invloed op de snelheid. Zijwind lijkt zelfs een zeil-effect te hebben. De reistijd wordt hierdoor beter voorspelbaar. Dat is vooral belangrijk als je ergens op tijd moet zijn. (Wanneer je een lekke band niet meer onderweg hoeft te plakken, scheelt dat ook in voorspelbaarheid van de reistijd. Dat kan als je een nieuwe band meeneemt bij stroomlijnfietsen.)

milieu en ruimte
De stroomlijnfiets behoud deze voordelen van de gewone fiets:  milieubewust, want er zijn geen vervuilende uitlaatgassen. Het kost geen brandstof. Het geeft bovendien bijna geen geluidsoverlast,  opstoppingen zijn er veel minder en fietspaden zijn gemakkelijker in te passen in de omgeving dan auto?s. Echter doordat auto?s zo zichtbaar problemen veroorzaken, wordt al gauw de voorrang gegeven aan meer infra voor de auto. Gelukkig snappen steeds meer verkeerskundigen, en andere mensen,  dat meer infra voor de auto na verloop van tijd meer files en andere overlast veroorzaken. Daardoor komt er ruimte voor de fiets (en het openbaar vervoer). En langzaam maar zeker ook voor snelfiets-verbindingen.

Vrijheid
Meer dan 1 mogelijkheid tot het (milieuvriendelijk) vervoer geeft vervoersvrijheid. Met de fiets ben je echt onafhankelijk. Er werd wel gezegd dat de auto vrijheid gaf, maar eigenlijk geeft juist  de velomobiel en de vouwfiets die vrijheid.


Er zijn echter ook nadelen ten opzichte van de gewone fiets
prijs
Een gestroomlijnde fiets is nu fors duurder dan een gewone fiets. Wanneer gestroomlijnde fietsen door een grotere vraag in serieproductie komt zal de prijs aanzienlijk dalen. Maar zal wel duurder blijven dan een gewone fiets.

geruis
De kap van de stroomlijnfiets werkt ook als klankkast. De hobbels in de weg worden door de kap in hoorbaar geluid omgezet. Ook de banden kunnen tijdens de hoge snelheid en door de klankkast veel geluid veroorzaken. De ontwikkeling van stillere velomobiel - banden is in volle gang. Op het ogenblik zijn brede hard opgepompte banden het meest geschikt.
Door de hogere snelheid stroomt er heel veel meer lucht langs je heen. Elke oneffenheid (zoals je hoofd en oren als die erbovenuit steken) zal geruis opleveren. Dit is voornamelijk hinderlijk voor de fietser zelf, omdat deze er zo dicht bij zit. Dit geruis kan echter ook een gevoel van snelheid geven.

contact met omgeving
Er is minder tijd om het landschap in je op te nemen. Ook is er minder aandacht beschikbaar, want je moet meer op de weg en het overige verkeer letten. Voor natuurfietstochten kun je beter fietsen met de gewone fiets (of met een ligfiets) Voor in de stad geldt bovendien dat je  rechtopzittend beter over auto's heen kijkt.

verblindingshinder
Gewone rechtop-fietsen hebben er al last van: bij donker kijken in de koplampen van tegemoetkomende auto?s. Wanneer een tweebaans fietspad  langs een tweebaans autoweg ligt - zoals vaak voorkomt - worden fietsers vaak verblind. De koplampen van de auto zijn namelijk zo afgesteld dat tegemoetkomende auto's niet worden verblind. Maar de fietser aan de andere kant van de weg krijgt de volle lichtopbrengst. Dit is vooral bij ligfietsen en stroomlijnfietsen het geval, want die zitten lager dan de rechtopfietsen. Als het dan ook nog regent, blokkeren het in de druppels op brillen, helmen of schermen weerspiegelende licht het zicht op de weg.   

transpiratie
Door de kap en vooral door het kuipzitje kan je lichaam zijn warmte niet goed kwijt. (niet alleen 's winters) Je lichaam zorgt voor wat extra vochtverlies op de rug om af te koelen. Om zweet te voorkomen kan je ook rustiger aan gaan fietsen. Maar punt is dat transpiratie nog aandacht behoeft bij de verdere ontwikkeling van de stroomlijnfiets. Een uitdaging voor ontwerpers en fabrikanten.

Afweging voor - en nadelen
Zoals elk vervoermiddel nadelen heeft, heeft ook de gestroomlijnde fiets zijn voor- en nadelen. Desalniettemin is de gestroomlijnde fiets een welkome nieuwe manier van verplaatsen, naast de gewone fiets en de ligfiets. De stroomlijnfiets verdient dan ook om gestimuleert te worden. Overheden kunnen dat heel goed doen door te zorgen voor goede snelfietspaden. laten we nu eens kijken wat voor verkeerskundige zaken daarbij komen kijken.

Verkeerskundige benodigdheden:
De wegen voor gestroomlijnde fietsen, ligfietsen en gewone fietsen zijn onderling te gebruiken. (compatible) Dit wil niet zeggen dat er geen speciale wegen voor gestroomlijnde fietsen nodig zijn. Want wil de gestroomlijnde fiets tot z'n volle recht komen dan is er ook infra nodig die daarvoor ontworpen is. Veel van wat hieronder staat is ook wel goed voor de gewone fiets, maar is toegespitst op de gestroomlijnde fiets. (De ligfiets zit tussen beide soorten fietsen in.)

Fietspadkwaliteit
Om het snelle fietsen te stimuleren zijn goede befietsbare wegen nodig. De (snel)fiets heeft veel baat bij vlakke asfaltwegen, met voorrang bij kruisingen en met ongelijkvloerse kruisingen. Deze wegen moeten wel breder zijn dan gewone fietspaden want er zijn meer inhaalbewegingen. Ook zijn gestroomlijnde fietsen over het algemeen breder dan gewone rechtop-fietsen en er komen steeds meer fietskarren, e.d.. In CROW publicatie "Tekenen voor de fiets" wordt gesteld dat door inhaalbewegingen van brommers het fietspad (bij meer dan 10% brommers) een halve meter breder moet zijn dan zonder brommers in vergelijkbare omstandigheden. Een snelfietspad zou wel eens onderverdeeld kunnen worden in twee stroken: met op de rechter rijstrook fietsers met gewone snelheid en daarnaast het snelfietsverkeer. Deze wegen aanleggen en er dan hoge begroeiing naast  laten groeien werkt averechts: bij bochten en kruisingen ontnemen die het uitzicht. Dit fietst langzamer en minder prettig, wat beiden niet de bedoeling is van de aanleg van een fietspad.
Ook uitermate geschikte wegen voor de gestroomlijnde fiets zijn de vele rustige plattelandswegen. (Veel auto- / sluipverkeer verjaagt de fietsers tot andere vervoermiddelen)

Status
Goede snelfietspaden zullen niet alleen gebruik van gestroomlijnde fietsen laten toenemen, maar ook de status, dat is: het aanzien, van de gestroomlijnde fiets, de ligfiets en de alledaagse fiets laten toenemen.

Fietsnetwerk
De gewone fiets vraagt voornamelijk aandacht van de gemeenten. Want de meeste fietsers blijven binnen een gemeente. Vandaar dat fietsnetwerken over de gemeentegrenzen heen nogal eens onlogisch in elkaar steekt. Ook is de kwaliteit in de ene plaats zo anders dan in een volgende plaats. De race- en toeristische fietsers hebben alleen het net van  toeristische  fietspaden kunnen veranderen. Waarschijnlijk omdat ze vooral in het weekend rijden. Doordat gestroomlijnde fietsers over grotere afstanden kunnen fietsen (doordeweeks!), zullen deze meer aandacht vragen van provincies en het rijk. Deze kunnen voor een betere kwaliteit van het netwerk aan fietspaden en snelfietspaden zorgen. Dat kan omdat ze niet zoals gemeenten sterk afhankelijk zijn van subsidies van de provincie en het rijk. Ook kunnen deze overheden beter over de gemeentegrenzen heen kijken.  Een goed voorbeeld hiervan is Houten. Over het algemeen is het netwerk aan fietspaden binnen Houten goed. Zodra je echter naar de omringende plaatsen wilt fietsen, is het opeens een heel stuk minder.

Stallen
Het naast de voordeur van de winkel parkeren van gewone fietsen is voor gestroomlijnde fietsen minder geschikt. Ze nemen daarvoor nogal veel ruimte in: drie keer zoveel als een gewone fiets. (Om over de ongeschiktheid van auto's voor de winkels te parkeren maar niet te spreken: er kan maar hooguit een ? twee voor de deur staan, en de rest moet naar elders uitwijken)  Eveneens is er de mogelijkheid tot wegwaaien, door de kap. Er zal dus een mogelijkheid moeten zijn om "het stalen / kunststoffen ros" ergens aan vast te kunnen maken. Ook kunnen er parkeergarages (gedeeltelijk) omgebouwd of bijgebouwd worden om plaats te geven aan stroomlijnfietsen. Deze laatsten kunnen veel lichter zijn dan autoparkeergarages, en met dezelfde grootte meer gestroomlijnde fietsen herbergen.

Verkeersveiligheid
De snelheid kan bij een gestroomlijnde fiets zo groot zijn dat het op bepaalde plaatsen een probleem kan opleveren. Een gestroomlijnde fietser is echter veel meer dan een brommer of scooter geneigd om zijn snelheid aan te passen aan de plaatselijke omstandigheden als er daartoe bromfietsdrempels zijn aangebracht. Dat komt doordat een snelfietser zijn eigen snelheid moet aantrappen, terwijl een brommer slechts gas hoeft los te laten voor de drempel en na de drempel slechts meer gas hoeft te geven om weer te snel te rijden. Ook zijn fietsen niet opgevoerd, zoals bij brommers bijna gebruikelijk is.
De verkeersveiligheid bij kruispunten kan soms een probleem zijn. Door de niet verwachte hogere snelheid worden ze soms te laat opgemerkt door afslaande automobilisten. Misschien passen gestroomlijnde fietsers (vanaf een bepaalde snelheid) net als brommers binnen de bebouwde kom wel op de weg. Dit is in de ene plaats anders dan op de andere, maar de mogelijkheid zou er moeten zijn om het zo te regelen door de plaatselijke overheid. Buiten de bebouwde kom (en al helemaal op snelfietspaden) zijn ongelijkvloerse kruisingen de veiligste oplossing.


En wat doen we met:
Verkeerslichten
Meestal worden verkeerslichten naar hun effect vernoemd: stoplichten door verkeersdeelnemers en verkeerregelinstallaties (VRI's) door wegbeheerders. Over groene golven voor fietsers en auto's is al veel gezegd. Het komt er meestal op neer dat een groene golf voor de ene verkeerssoort een rode golf betekent voor de andere verkeerssoort. En een groene golf voor conventionele fiets, ligfiets en gestroomlijnde fiets samen is al helemaal niet mogelijk vanwege hun sterk uiteenlopende snelheden. (globaal: fiets 10-25, ligfiets 15-40, gestroomlijnde fiets 20-55 en racefietsers van elke soort kunnen nog sneller)
Wist u dat er is nog een andere intelligente manier is om VRI's minder tot stoplichten te maken? Dat kan namelijk door het vooraf de rijsnelheid van de fiets aan te passen. De fietser komt dan bij het verkeerslicht aan als deze op groen springt. Soms kunnen fietsers dit al wanneer ze vaak langs bepaalde verkeerslichten komen. Door hun oplettendheid kregen ze inzicht in de verkeerslichtregeling. Ze hoeven daardoor minder te stoppen. (VRI's met drukknoppen werkt hier natuurlijk totaal averechts!) De wegbeheerder, de gemeente, kan echter ook helpen. Door het plaatsen van "vooraf-lichten" of "vooraf-displays" weten ook gewone fietsers of het handig is om hun snelheid aan te passen (even wat harder of even rustig aan). Dit alles spaart veel fietsenergie en maakt het fietsen aangenamer.
Voor deze VRI-hulp is natuurlijk wel voldoende afstand nodig om de snelheidsaanpassing effect te laten hebben. Ook de cyclustijd van de VRI (dat is de tijd tussen groen en de volgende keer groen) moet niet al te lang zijn. Voor gestroomlijnde fietsers is het echter nog wat gemakkelijker te regelen. Dit komt door hun veel grotere snelheidsbereik.

fietsgootjes
Trappen over een trap is niet mogelijk. Dat is eens "opgelost" door een fietsgootje langs trappen te maken. Bijvoorbeeld bij NS-stations en bij voetbruggen over wegen.  Bij NS-stations heb je bovendien steeds vaker een voorziening voor rolstoelers, die kunnen ook voor fietsen gebruikt worden.. Op voetbruggen echter kun je alleen van de trap gebruik maken als je goed genoeg ter been bent en sterk genoeg om de fiets de trap op te duwen. Met fietskarren, driewielige fietsen en (dus) ook gestroomlijnde fietsen is het al helemaal niet mogelijk. Dan valt niet alleen de snelheid van de gestroomlijnde fiets weg, maar zelfs de verbinding valt weg! Een alternatieve oplossing is er. Er bestaat tegenwoordig een lift die je over een weg heen zet (zie de link bovenaan: de zebralift)!

strijd om de schaarse ruimte
In (binnenstedelijk) gebied is daar al gauw de strijd om de schaarse ruimte. Bijvoorbeeld in vragen zoals: is er plaats voor een fietspad of wordt de ruimte opgeofferd voor auto-parkeerplaatsen? Heffen we verbindingen op voor doorgaande autowegen en spoorlijnen? Kunnen we een drukke weg nog oversteken? Wie krijgt er meer groen licht? Zo wordt van bovenaf opgelegd welke mogelijkheden de burgers hebben om zich milieuvriendelijk te verplaatsen. De keuzes die hierin gemaakt zijn en worden zijn uitingen van voorkeuren. Wat de grondhouding en ethiek laat zien van de besluitnemers (politiek).

Toekomst: De strijd voorbij?
Wat zou het mooi zijn als er een hoofdvervoermiddel zou zijn, die niet de nadelen van de auto heeft en toch aantrekkelijk is om mee te reizen. Een middel dat de fietsmogelijkheden vanuit zijn aard respecteert.
Dat is nu wat een baantaxi voor ons kan betekenen. Een vervoermiddel dat op een eigen baan rijdt die niet op grond staat (behalve de haltes en de pilaren). En vooral kleine voertuigen zodat deze baan zo licht en klein mogelijk is, wat bovendien zorgt dat het individueel vervoer is: zonder tussenstop naar de bestemming. Automatisering maakt het mogelijk: In elke wijk een klein maar compleet station. Wat zal er veel ruimte vrijkomen voor snelfietspaden. wat zullen er veel barrieres verdwijnen.

twike: fietsmobiel

mitka gestroomlijnde fiets

Andere snellere fietsen
Er zijn ook andere snellere fietsen ontworpen. Zie hier de plaatjes van de mitka en de twike (hier in een rode kleur).